Krios interim management

 

 

 

 

Traditioneel is de voedingsmiddelenindustrie georganiseerd in verschillende disciplines met hun eigen kennis en ervaring. Inkoop, productie, logistiek, verkoop en financiële administratie werken volgens eigen wetmatigheden en processen. Door groei, professionalisering en automatisering heeft elke afdeling zich verder ontwikkeld, de onderlinge afstemming is vaak niet meer optimaal.

In de productie is de ontwikkeling gaande van een traditionele ambachtelijke benadering naar een technologische procesgerichte aanpak. Veel tijd en aandacht wordt besteed aan training, opleiding en begeleiding. Toch worden niet altijd de gewenste resultaten geboekt of blijft het tempo van de ontwikkelingen achter.

Intussen vraagt de markt om te voldoen aan hogere, gestandaardiseerde kwaliteitseisen, om productinnovaties en om betere logistieke prestaties. De primaire doelstelling van de organisatie ("geld verdienen") komt onder druk. Waar gaat het mis?

De hedendaagse operator is steeds vaker getraind in het bedienen van procescomputers en het omgaan met ERP systemen. Hij is geschoold in HACCP, BRC, GMP, IFS, TPM, Lean Manufacturing en/of 6 Sigma. Er zijn duidelijke functieomschrijvingen, is er regelmatig werkoverleg en een periodiek functioneringsgesprek. En toch, waarom gaat het mis?

Voorheen was deze operator een zelfstandig werkend ambachtelijk vakman. Hij leerde zijn proces kennen van een oudere collega, hij stuurde het proces op basis van deze kennis en zijn vervolgens opgedane ervaring. Ik gebruik daarbij wel eens het beeld van een schaker: het spel op het bord is zijn proces, hij alleen bepaalt de zetten die hij doet.

Als deze operator nu om zich heenkijkt ziet hij iets anders. Hij zit niet meer aan het bord: hij staat er op! Naast hem staan HACCP, TPM, OEE en al die andere gereedschappen die hij de afgelopen jaren heeft leren gebruiken. Maar: hij is zelf “tool” geworden! Hij kán het proces nog steeds besturen (kennis en ervaring), hij mág het proces nog steeds besturen (bevoegdheid), maar wil of durft hij dit nog wel (cultuur)? De operator voelt zich steeds minder verantwoordelijk, minder betrokken. Hij wacht af.

Mijn benadering gaat uit van herstel van zijn oude rol, maar mét de nieuwe verantwoordelijkheden die de moderne bedrijfsvoering vereist. De operator móet van dat bord af en hij zal moeten leren dat zijn vak inmiddels in teamverband wordt uitgeoefend. En in dat teamverband wordt niet alleen van hem gevraagd om een goed product te maken, maar hij is daarbij ook resultaatverantwoordelijk geworden.

Hoe bereik je dat? Door te managen op resultaat (“make money”) en te coachen op de manier waarop dat resultaat kan worden behaald (“respect people”) wordt de beleving (“have fun”) het onvermijdelijke gevolg. En wat er dan gebeurt: dat wilt u niet weten, ………. of toch wel?